Toetsingsmodule 3: Brandveiligheid

In het Bouwbesluit 2012 zijn de brandveiligheidseisen van een nieuw bouwwerk terug te vinden in diverse afdelingen (Afdeling 2.10, 2.11, 2.12, 6.7, 6.28 en 6.29). Deze eisen moeten ervoor zorgen dat u een brandveilig ontwerp maakt. Daarbij wordt er gekeken naar de beheersbaarheid van brand (brandcompartimentering) en naar het veilig kunnen vluchten van personen (vluchtroutes). 

Door het groot aantal eisen, beschreven in de diverse afdelingen van het bouwbesluit, en de onderlinge afhankelijkheden van deze eisen wordt het brandveiligheidsverhaal door velen als complex ervaren. Reden voor ons om een programma te ontwikkelen waarmee op een relatief eenvoudige wijze de brandveiligheid van een ontwerp bepaald en gecontroleerd kan worden. 

U toetst met deze module bouwplannen aan de volgende Brandveiligheidseisen: 
▪ Grootte van brandcompartimenten en subbrandcompartimenten. 
▪ Loopafstand binnen een subbrandcompartiment. 
▪ Aantal vluchtdeuren. 
▪ Aanwezigheid van vluchtroutes. 
▪ Aanwezigheid en aantal brandslanghaspels wordt bepaald. 

Manier van werken: 
Na het bepalen van het gebruiksoppervlak van het gebouw en de aanwezige gebruiksfuncties voegt u de objecten ten aanzien van brandveiligheid toe aan het gebouwmodel. Allereerst moet de compartimentering van een gebouw bepaald worden. 
Dat betekent dat het gebouw onderverdeeld moet worden in brandcompartimenten, subbrandcompartimenten, beschermde subbrandcompartimenten (indien van toepassing) en verkeersruimten waardoor een beschermde- of extra beschermde vluchtroute voert. Alle eisen die hieraan gekoppeld zijn (zoals de maximale grootte en de ligging) worden direct getoetst. 

De volgende stap is het aangeven van de vluchtdeuren. Hiermee kan de loopafstand binnen een subbrandcompartiment gecheckt worden. Vervolgens wordt ook de vluchtroute, die start vanaf een vluchtdeur, nagelopen. Deze zal volgens de regels van het Bouwbesluit netjes moeten eindigen op het aansluitend terrein. 

In de rapportage worden ook de wbdo-eisen in tabelvorm genoteerd. 

Tenslotte is ook het bestrijden van brand een onderdeel van de totale brandveiligheidstoets. Brandslanghaspels, droge blusleidingen en brandweerliften moeten als object toegevoegd worden. Vervolgens wordt met de zogenaamde cirkeltoets gecontroleerd of deze objecten goed gepositioneerd zijn binnen het gebouw.